12 Chesjwan 5781 | 30 October 2020
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     Israël     Media     Publicisten     
De zielenleer van niet-Joden en de Joden
Publicatiedatum: Sunday 27 December 2009 Auteur: Redactie | 5.367 keer gelezen
Kabbalah, Gioer, Redactie, Ziel, gilgoel [reïncarnatie] en geweten, Assimilatie »

De Joodse ziel
Bij de schepping van het universum heeft Hasjem Zichzelf tien eigenschappen (Sefirot) toegekend (zie overzicht links):

  1. Kether
  2. Chochmah
  3. Binah
  4. Chesed
  5. Gevoerah
  6. Tifereth
  7. Netsach
  8. Hod
  9. Jesod
  10. Malchoet

Hiermee ondersteunt Hasjem het gehele universum. Zij zijn het wezen van de schepping.

Onze Nefesj Elokiet is naar het evenbeeld van Hasjem geschapen en is opgebouwd uit de onderstaande tien bechinot (attributen; begrippen) en worden ook wel tikkoeniem genoemd (zie overzicht rechts):

  1. Chochmah
  2. Binah
  3. Da'at
  4. Chesed
  5. Gevoerah
  6. Tifereth
  7. Netsach
  8. Hod
  9. Jesod
  10. Malchoet

De zijn in twee groepen op te delen:

1. Sechel: verstand.

  • Chochmah
  • Binah
  • Da'at

2. Middot: eigenschappen van liefde voor Hasjem, vrees voor Hasjem en fijngevoeligheid naar Hasjem, je medemens en het Jodendom.   

  • Chesed,
  • Gevoerah,
  • Tifereth,
  • Netsach,
  • Hod,
  • Jesod en
  • Malchoet

Afhankelijk van de kabbalistische school, zijn er dus twee varianten van de moeders (zie overzicht). Kether is namelijk transcendent en subrationeel wat onze verstand te boven en buiten onze controle gaat en staat. Onze bewustzijn begint bij Chochmah. Hasjem staat daarboven, vandaar de twee verschillende versies.

De uit de tien tikkoeniem opgebouwde ziel uit zit doormiddel van levoesjiem; ‘kledingstukken' of ‘manifestaties', waarmee de ziel zichzelf tot uitdrukking kan brengen:

  • Gedachte
  • Spraak
  • Actie

De nesjomme, de extra ziel die álle Joden dus hebben, heeft een vat nodig dat voldoende ontwikkeld en door ontwikkeld is om zicht te kunnen kanaliseren en te uiten. Men moet zich daarin ontwikkelen en dit kan alleen bereikt worden vanaf de 13e jaar. Zonder zich hierin spiritueel te ontwikkelen, zal de nesjomme alleen in hem leven als een potentie tot heiligheid. Wanneer een menselijke ziel in een steen geplaatst zou worden, dan zou deze combinatie geen betekenis hebben. De menselijke ziel kan zich namelijk door een steen niet uiten. Iedere geestelijke kracht heeft een passende geleiding. Voor de nesjomme is de nefesj het gepaste vat dat pas tot uiting kan komen wanneer de nefesj zich verfijnt en verhoogt. Dus: een nefesj moet in het Joodse lichaam geplaatst worden en moet zichzelf zodanig ontwikkeld zijn zodat de nesjomme kan meedoen en zich daar doorheen kan onthullen. Daarom leert de Alter Rebbe ons middels zijn Tanya dat de nesjomme de tweede ziel genoemd wordt omdat hij alleen in het lichaam komt naar aanleiding van de eerste ziel: de nefesj. De nesjomme is perfect en hoeft geen tikkoen (rectificatie) te doen. Hij komt alleen in de fysieke wereld om de jetzer hara' te overwinnen en de eerste ziel te zuiveren.

Iedere ziel heeft een komah sjeleimah: volledige structuur. Hierdoor is de ziel een afspiegeling van het lichaam, want het heeft - bij wijze van spreken - een hoofd, armen en benen. Daarnaast heeft de ziel ook cognitieve vaardigheden zoals conceptie, begrip en toepassing. De ziel is met haar komah sjeleimah een mal in een holle gietvorm dat bestaan geeft aan emoties. Alle Joden vormen daarnaast nog een collectieve ziel wat ook een komah sjeleimah is. De Midrasj leert ons tenslotte dat alle zielen van alle generaties een spirituele organisme van oermens Adam Kadmon vormen. De zielen zijn ‘aanhangsels' van zijn ‘algemene ziel', maar andere zijn weer aanhangsels van zijn ‘armen en benen'.

«      1   |   2   
Pagina index:
Copyright © 2009 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2020 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.