28 Sjewat 5780 | 23 februari 2020
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     Israël     Media     Publicisten     
Verband tussen Poeriem en de Zondeval
Publicatiedatum: vrijdag 22 februari 2013 Auteur: Redactie | 837 keer gelezen
Redactie, Poeriem, Amalek, Zondeval »

Tijdens Poeriem lezen wij meerde malen de Megillat Esther, de Rol van Esther. Megillah komt van het megaleh, wat onthullen betekent. De Meggilat Esther onthult. Dit is heel merkwaardig, omdat op het eerste gezicht de Rol niets onthult. Zelfs Hasjems Naam wordt geen een keer genoemd. Er wordt niet openlijk over wonderen gesproken. Geen profetie lijkt te worden lezen zijn.

Terug in de tijd
Om het verband tussen de verborgen en de onthulde wereld in Poeriem te begrijpen, gaan we helemaal terug naar het moment dat Adam de Boom van Kennis van Goed en Kwaad stond, peinzend of hij nu wel of niet van de boom zou eten. Aan dit moment zou namelijk de hele levensloop van alle schepsels hangen.

Rabbi Tzadok Hacohen laat ons de inzicht van Poeriem in deze zien vanaf de geschiedenis van de Schepping tot Het Einde Der Tijden.
De Gemara vraagt: “Haman min hatorah minajin... waar wordt de naam Haman in de Tora gevonden?” Deze vraag is heel legitiem omdat alles in de Tora staat, want de Tora is de blauwdruk van de gehele universum.
De diepste genen is de naam van een ding of een persoon. In het Hebreeuws is naam 'sjem' en heeft dezelfde wortel als 'sjam' wat 'daar' betekent. Sjam, daar, geeft de tachlis – het uiteindelijke doel – aan. Jij – sjem – begint 'hier' in dit leven en jouw doel is 'sjam', daar. De stam van sjam is ook de basis van het woord sjamajiem, wat hemel – de spirituele wereld- betekent. De oorspronkelijke bestemming van de gehele essentie.

Terug naar de zoektocht van de Gemara naar Hamans naam [sjem, sjam, sjamajiem] in de Tora. Een of ander manier moet zijn naam toch ergens in de Tora te lokaliseren zijn. Ook al is hij de nakomeling van Amalek, het volk dat slechts een doel voor ogen heeft en dat is het vernietigen van het Joodse volk.

De naam Haman wordt door de Gemara gevonden in de Tora nadat Adam inderdaad besloten had van de vrucht te eten. Hasjem vroeg aan Adam: “Hamin ha'ets... heb jij van de boom gegeten?' Het woord hamin heeft een equivalentie met haman zodra je de klinkers weghaalt. De Tora is zonder klinkers geschreven. Wat heeft deze vraag van Hasjem aan Adam met Haman te maken?

Het eten van de vrucht was het begin van de zonde en een of ander manier staat Haman in dit verband met de wortel van de zonde. De mens kon niet meer openlijk, luid en duidelijk met Hasjem communiceren.
Toen Adam zondigde vroeg Hasjem in al Zijn Alwetendheid “waar ben je?' Dit terwijl Hasjem het antwoord heus wel wist, maar het was de mens die deed alsof Hasjem hem niet zag door zich 'goed' te verstoppen. Adam werd blind voor de realiteit. Adam – en met hem de gehele schepping – stapte door zijn zonde in de Wereld van de Illusie. Hierdoor verloor hij alle helderheid, dreef van de Schepper af en verloor zijn visie en contact met de Bron van de Realiteit. De consequentie was nog erger. We weten allemaal dat Hasjem werkt met middah keneĝĝed middah waardoor Hij op jou reageert naar gelang hoe jij je gedraagt. Toen Adam zich verstopte, speelde Hasjem het spelletje mee: “Waar ben je? Heb je gegeten van...?”

Pagina index:
Copyright © 2013 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2020 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.