14 Siewan 5780 | 06 juni 2020
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Blaffende honden
Publicatiedatum: zaterdag 09 maart 2013 Auteur: Opperrabbijn B. Jacobs | 956 keer gelezen
Pesach, Opperrabbijn Jacobs, Assimilatie »

In Brisk, een stad met een intensief joods leven, brak een machloukes, een ruzie, uit. Er ontstonden twee partijen. De rabbijn, Reb Jashe Ber Soleweitshik, benaderde een aantal vooraanstaande gemeenteleden en vroeg hen om hun invloed aan te wenden om de partijen tot elkaar te brengen. Ze weigerden echter omdat ze neutraal wilden blijven!

De rabbijn heeft met wrange gevoelens aan hen kenbaar gemaakt dat ook de honden in Egypte een soortgelijke opstelling betoonden: er staat in de Talmoed dat als honden huilen het een teken is dat de doodsengel in de stad is en als honden lachen de profeet Eli-jahoe, die de verlossing komt aankondigen. Net voordat de Joden uit Egypte verlost zouden worden was de doodsengel aanwezig vanwege de sterfte der eerstgeborenen en ook de profeet Eli-jahoe om het Joodse volk te bevrijden. Omdat de honden niet wisten of ze moesten huilen of lachen, besloten ze om te zwijgen: oelegol benee Jisraeel lo jecherats kelev lesjono- bij de Uittocht uit Egypte blafte geen hond. Ook de honden hadden besloten om vooral neutraal te blijven!

Op de sederavond leunen we aan tafel: teken van vrijheid. We drinken vier bekers wijn: teken van vrijheid. De matsa herinnert ons aan de uittocht: teken van vrijheid. We vertellen over de wonderen: teken van vrijheid. Maar ondanks de vele tekenen van vrijheid beginnen we de hagada met de woorden: dit is het brood der ellende en slaven waren wij bij de Farao in Egypte om vervolgens uitgebreid te lezen over de misère door de eeuwen heen.
Wat staat er centraal tijdens Pesach: bevrijding of slavernij? En als het en en is, kunnen we dan wel spreken van een echte bevrijding?

De joodse gemeenschap in Egypte was zwaar geassimileerd, nagenoeg volledig opgegaan in een cultuur die haaks stond op het Joodse denken. Ze konden bijna niet meer Joods denken. En toch kwam er een bevrijding, een opgelegde bevrijding. De wonderen waren zo overweldigend dat onze voorouders als het ware uit Egypte werden weggesleept. Maar waren ze inwendig ook bevrijd? Of was het slechts een oppervlakkig gebeuren? Een soort tijdelijke extase die zo weer kan overwaaien en ontaarden in een nieuw Egypte?

Het antwoord op deze vraag staat helemaal aan het begin van de hagada:
Dit is het brood der ellende dat onze voorouders in Egypte hebben gegeten ….nu nog zijn we hier….het komende jaar in het land Israël...nu zijn we nog slaven...het komende jaar zijn we vrij.
De echte bevrijding heeft nog niet plaatsgevonden. De wereld zit nog vol ellende, narigheid en vervolging. En ook in ons persoonlijke leven is er vaak nog veel te veel verdriet, gemis en ziekte. Ook de assimilatie doet zijn werk. In de tijd van mijn gewaardeerde voorganger Opperrabbijn Berlinger z.l. kwamen de teksten voor grafzerken kant-en-klaar op ons Opperrabbinaat en bijna zonder te kijken gaf hij zijn goedkeuring aan de lokaal samengestelde tekst.

Vandaag is de lokale kennis dusdanig afgenomen dat wij als Opperrabbinaat de gehele tekst moeten vervaardigen en vaak ook de Joodse namen moeten proberen te achterhalen, want de niet-Joodse naam is bekend, maar de Joodse naam is vervaagd…In die tijd, nog maar ongeveer veertig jaar geleden, was je Joods of niet-Joods. Nu kan iemand wel Joods zijn, maar niet halagisch…..En het aantal sederavonden dat thuis in de huiselijke sfeer wordt gevierd neemt af, want de prachtige Nederlands Joodse Seder melodieën zijn bijna niet meer te horen…en veel te veel kinderen weten niet meer het  ma nisjtana - wat is het verschil tussen deze avond en alle andere avonden te vragen…

Onze voorouders werden wel en niet bevrijd. Ze waren bijna helemaal geassimileerd, bijna volledig opgeslorpt door de Egyptische cultuur en het Egyptisch denken, maar toch ontkwamen ze en konden ze vijftig dagen later bij de berg Sinai aankomen om daar het Jodendom in zijn volle breedte en pracht tot zich te nemen.

Dat is de les van Pesach: hoe ver we ook verwijderd zijn van het Jodendom en dus van onze voorouders, desondanks bestaat er nooit een te laat. Slavernij en bevrijding liggen heel dicht bij elkaar, dat is de kortste samenvatting van de hele hagada:
Nu nog zijn we hier….het komende jaar in het land Israël...nu zijn we nog slaven...het komende jaar zijn we vrij.

Maar wat heeft dat met die zwijgende honden te maken?

Allen hebben we de plicht om waar mogelijk ons in te zetten voor het welzijn van onze gemeenschap. Wij mogen niet lijdelijk toezien hoe onze gemeenschap afbrokkelt. Wij zijn verplicht ons joodse steentje bij te dragen. Of het nu een vete tussen personen betreft, een ruzie binnen een gemeenschap, hulp aan een verdwaalde Jood ver in de Mediene of de innerlijke strijd: de matsa is het brood der ellende maar tegelijkertijd is diezelfde matsa ter herinnering aan bevrijding. Nu zijn we nog slaven...het komende jaar zijn we vrij.
Pesach toont ons dat we kunnen en moeten kiezen, tussen slavernij en bevrijding. We mogen ons niet neutraal opstellen, ook niet als dat makkelijker lijkt!

Lesjana haba’a bieroesjalajim – het komende jaar in Jeroesjalajim!

©Opperrabbijn B. Jacobs 2013

Copyright © 2013 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2020 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.