12 maart 1421: Onder het bewind van hertog Albrecht V van Habsburg begon de jodenvervolging in Oostenrijk. De joden werden beschuldigd van hostieontwijding en wanneer ze niet bereid waren zich te laten dopen, werden zij ter dood veroordeeld. De vervolgingen bereikten in Wenen hun hoogtepunt met de openbare verbranding van 120 joodse mannen en 92 joodse vrouwen. Hiermee kwam praktisch een eind aan het bestaan van de joodse gemeenschap van 1400 zielen n de Oostenrijkse hoofdstad. Deze gebeurtenis staat bekend onder de Weense gesera of jodenvervolging. 12 maart 1941: Transport van 995 joodse mannen, vrouwen en kinderen verliet Wenen met bestemming Lagow en Opatow (PL). 12 maart 1944: In het “Rechssicherheitshauptamt” in Berlijn werd de laatste hand gelegd aan het programma dat voorzag in de uitroeiing van 760.000 Hongaarse joden. Een week later, op 19 maart 1944, zouden de Duitsers het Hongaarse grondgebied binnenvallen. |