31 maart 1349: In het stadje Mellrichstadt in het Duitse hertogdom Frankenland werden 4 joden op de brandstapel gebracht. Hun namen zijn bewaard gebleven: Nehemia ben Jechiel, Elieser ben Joez, Samuel Jechiel en Isaak ben Gerschom. 31 maart 1492: Alle joden werden uit Spanje gedreven en moesten binnen 4 maanden het land verlaten op straffe des doods. Termijn werd verlengd tot 3 augustus dat zelfde jaar. 31 maart 1941: Inrichting getto voor 28.000 joden in Kielce (PL). 4000 joden stierven door de erbarmelijke omstandigheden aan tyfus. Ondanks het ruimtegebrek werden vanuit de provincie voortdurend meer joden naar dit getto overgebracht. 31 maart 1942: Bij het uitbreken van WOII woonden in het stadje Opole Lubelskie (PL), buiten de 4000 autochtone joden nog 2000 joodse vluchtelingen uit Oostenrijk en 2500 joden uit Pulawy, eveneens gelegen in de provincie Lublin. Verdeeld over 4 transporten werden 6000 inwoners van het getto van de toen Poolse stad Stanislawow gedeporteerd naar het vernielingskamp Belzec. 31 maart 1943: 85 joden op transport gesteld van Wenen naar Theresienstadt. |