27 april 1940: Heinrich Himmler, hoofd van de Duitse politie en de Gestapo gaf opdracht voor de bouw van het concentratiekamp en vernietigingskamp Auschwitz (PL). Auschwitz zou een verschrikkelijke rol gaan spelen in de geschiedenis van het joodse lijden. In het kamp zijn tussen de 2,5 en 3,5 miljoen mensen omgekomen. De slachtoffers waren voornamelijk joden, maar ook zigeuners en mensen van andere Europese nationaliteiten zijn in Auschwitz om het leven gekomen. 27 april 1942: 998 joden op de transport van Wenen naar Wlodawa. Om en nabij 2000 joden in het getto van Wloclawek (PL) worden weggevoerd naar vernietingingskamp Chelmno. Zij waren de overigen van de 13500 joden van die getto. Het getto werd met de grond gelijk gemaakt en jüdenfrei verklaard. 1000 joodse mannen, vrouwen en kinderen worden van concentratiekamp Theresienstadt getransporteerd naar het getto van Izbica. Ongeveer 400 mannen worden doorgestuurd naar het werkkamp van Lublin. De rest wirdt doorgestuurd naar Majdanek, waar iedereen op een vrouw na de dood vindt. 27 april 1943: Deportatie 196 joodse geïnterneerden van Westerbork (NL) naar concentratiekamp Theresienstadt. Deportatie 1204 joden van Westerbork naar vernietigingskamp Sobibor. 27 april 1945: De SS schoot op het station van Mariánské Lászne met machinegeweren 1000 joden dood. Ze maakten deel van een transport van 2775 joodse gevangenen die te voet van Rehmsdorf naar Theresienstadt moesten reizen. 1200 joden vonden onderweg de dood. 575 kwamen op plaats van bestemming. |