23 Tisjri 5782 | 29 september 2021
Parasja
Bereesjiet/ Genesis     Sjemot/ Exodus     Wajjikra/ Leviticus     Bamidbar/ Numeri     Dewariem/ Deuteronomium     Combinaties     Feestdagen     
Parasja / Wajechi / Inzicht Overzicht | Inzicht | Haftara | Commentaar
Bereesjiet/ Genesis 47:28-50:26 | door: Rabbi Raphael Pelcovitz

Joodse Eenheid, Etniciteit en Geloof
Er staat een passoek in de parasja van deze week, die een nadere veklaring nodig heeft. Wij weten dat de naam Ja'akov aan onze vader Ja'akov bij zijn geboorte gegeven werd, maar dat de naam Jisraël daar later aan toegevoegd werd, eerst door de engel die met het gevochten had en daarna werd die naam door Hasjem zelf bevestigd. Ons wordt geleerd dat de naam Ja'akov een lagere status weerspiegelt dan de naam Jisraël. Daar is een nadere verklaring op zijn plaats wanneer in één passoek beide namen voorkomen.

De passoek zegt (Bereisjiet 49:12): „Verzamelt jullie en luistert, zonen van Ja'akov, en luistert naar Israël jullie vader." Hier is een voorbeeld van een vers waar beide namen in voorkomen. We moeten ook proberen te begrijpen waarom het woord ‘luistert' tweemaal voorkomt.

Ja'akov was de vader van twaalf zonen, die uiteindelijk de 12 Stammen van Israel zouden worden. Hun verhouding tot elkaar functioneerde op twee niveaus. Zij waren broers met familiebanden, hetgeen later de etnische factor zou worden die hen zou verenigen en hen hun nationale identiteit zou geven. In dit opzicht waren zij gelijk aan alle volken die als een familieeenheid begonnen en zich vervolgens ontwikkelden tot stam-groepen om dan tot een te identificeren volk en natie uit te groeien. Aan deze banden en nationale identiteit refereert de naam Ja'akov en zij creëren een gevoel van onderlinge verantwoordelijkheid, zoals wij dat tot uitdrukking gebracht zien in het gezegde: ‘Heel Israël is verantwoordelijk voorelkaar' (Sjewoe'ot 39a).

Dit is echter niet het voornaamste cement dat ons samenbindt, want met verloop van de tijd en onze verstrooiing onder de volken van de wereld zouden wij waarschijnlijk allang als volk verdwenen zijn als er niet nog een tweede factor was geweest. Deze tweede factor is dat wij allen leden zijn van één geloofsge­meenschap, met hetzelfde geloof en dezelfde gebruiken die ons samenbinden en, op een of andere mystieke wijze, ons transformeren in een nefesj, één volk met een collectieve ziel.

In de Sidra van vorige week, Wajjigasj, gebruikt Tora de uitdrukking nefesj wanneer verteld wordt dat 70 zielen uit het huis van Ja'akov naar Egypte kwamen: „Kol hanefesj lebeit Ja'akov" - letterlijk: ‘Heel de ziel van het huis van Ja'akov' (46:27). Het commentaar dat Rasji op dit vers geeft, in naam van onze Geleerden, is dat Esav zes nakomelingen had en de Tora noemt ze ‘nefasjot beito - de zielen [of leden] van zijn huis,' waarbij de meervoudsvorm nefasjot gebruikt wordt, terwijl Ja'akov naar Egyote kwam met 70 nakomelingen en die worden met nefesj, in het enkelvoud aangeduid! De reden voor dit verschil is dat de kinderen van Esav verschillende afgoden aanbaden, terwijl de kinderen van Ja'akov Eén G-d dienden. Zodoende waren Esavs nakomelingen van elkaar gescheiden, maar wij vormen één geloof.

Als de etnische identiteit van de twaalf stammen een gevoel van wederzijdse verantwoordelijkheid schiep, zoals de zonen van Ja'akov, dan creëerde hun godsdienst één nefesj. In de geestelijke wereld zijn zijn Bnei Jisraël in plaats van Bnei Ja'akov. Het is om deze reden dat het woord ‘luistert' tweemaal voorkomt in hetzelfde vers. Het eerste luistert is bedoelt als een appèl aan hun gevoel voor broederschap en hun nationale gevoelens. De tweede echter slaat op hun geestelijke waarden en geloof en dringt er bij hen opaan om naar hun innerlijke verlangens en verplichtingen van hun ziel te luisteren.  Tot op deze dag, als wij zorgvuldig luisteren naar die kol damama daka - die rustige, zachte maar zo betekenisvolle stem, dan zullen wij ons realiseren dat wij niet alleen maar Bnei Ja'akov - zonen van Ja'akov - zijn, maar ook Bnei Jisraël, zonen van Israël.

Joodse eenheid wordt alleen een realiteit wanneer de geestelijke component wordt toegevoegd aan de nationale, de etnische component. Beide zijn noodzakelijk en kunnen niet genegeerd worden. Echter, het is van vitaal belang voor ons dat wij ons realiseren dat die gemeenschappelijke herinnering en gedeelde ervaringen van het leven niet voldoende zijn om een eenheid te garanderen, zoals wij kunnen leren van de geschiedenis en de realiteit die ons confronteert, zowel in Israël als in de Diaspora. Uiteindelijk is het niet als Bnei Ja'akov dat wij onze continuïteit als een volk verzekeren, maar als Bnei Jisraël  moeten wij onze rol als Am hannetsach verzekeren - als „het eeuwige volk."

Bron: Joods Leven

 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.